Hi!

Dank je wel dat je mijn blog leest. Mijn naam is Sharon en ik wil graag waarde aan je leveren door mijn ervaringen met je te delen. Blogs over lijfgericht werken, systemisch werk, manifesteren en het beste uit jezelf en je business halen. Vergeet je niet in te schrijven om op de hoogte te blijven van mijn nieuwe blogs!

Inschrijven

Hoe vroege grensoverschrijding bepalend is voor de keuzes die je nu maakt

In het bos ga ik op zoek naar een stevige tak en geef haar de tak in haar handen. “Elke keer wanneer je streng bent voor en tegen jezelf, mag jij jezelf even slaan met deze tak”, zeg ik haar. “Maar dat ga ik niet doen”, zegt ze. “Dat is gek”, zeg ik, “want we lopen nog maar een paar minuten samen op en je hebt jezelf al zeker zes keer innerlijk geslagen”.

Ik loop in het bos met deze bijzondere dame, die ik al eerder heb ontmoet in de workshop vrouwenkracht. Ze wilde graag een gesprek omdat ze niet de dingen doet die ze wil doen, maar ze laat zich weerhouden door angst.

Ze loopt met een voorwaartse pas, elke voetstap wordt begeleidt door veel woorden. Dapper zeult ze een zware rugtas van haar werk mee. Een mooie metafoor voor wat ze allemaal meezeult in het leven. Helder zet ze uiteen waarom ze hier is gekomen. Veel zinnen worden vergezelt door een streng gezicht als ze iets over zichzelf zegt.

“Zullen we even vertragen”, vraag ik haar. Het valt mij op dat ze wegloopt van haar eigen verhaal. In de stormvloed aan woorden hoeft ze niet bij haar gevoel te blijven. En kan ik er ook niet helemaal bij komen. “Vertel nog eens rustig over je vader”, vraag ik haar.

Dan zie ik een klein meisje haar verhaal vertellen. Haar gezicht lijkt op een meisje van acht jaar oud. Ze wendt haar blik weg van mij. Alsof ze even langs schaamte en schuld moet voordat ze mij kan aankijken.

Een moment is ze niet meer hier in het bos maar terug in de badkamer bij haar moeder.

Heel even, en dan schiet ze snel terug naar ons gesprek hier in het bos. “Toen mijn vader mijn moeder sloeg in de hoek van de badkamer, vond ik dat best wel heftig”, zegt ze.

Best wel heftig?”, vraag ik haar? “Hoe oud was je daar”? “Zes, zeven jaar oud”, zegt ze. “Hoe is het voor een meisje van zes, zeven jaar oud om haar vader haar moeder te zien mishandelen”? Bang kijkt ze mij aan. “Probeer eens te voelen waar dit gevoel huist in jou”, vraag ik haar. “Hier”, zegt ze en wijst haar zonnevlecht aan, ter hoogte van haar maag. Een plek waar veel emoties liggen opgeslagen. “Wat vertelt deze plek jou”? “Angst”, het vertelt mij hoe bang ik ben”. Even mag het kleine meisje bang zijn en huilen, en zie ik de onmacht in haar ogen van het niets kunnen doen. Het niet kunnen fixen, maar alleen kunnen toezien vanuit machteloosheid.

Niet veel later komt er een oordeel. Haar gezicht verfrommelt zich ter ondersteuning van haar woorden. “Ik baal van mezelf dat ik mij nog steeds als een slachtoffer gedraag”, zegt ze. En ze slaat zichzelf weer even met de stok. “Volgens mij ken je wel iemand die dit ook heel goed kan”, zeg ik haar. Ze kijkt verschrikt op en zegt, “ja mijn vader”. “Eigenlijk lijk je wel een beetje op je vader, zeg ik haar”. Ze kijkt mij vol ongeloof aan. “Hij gebruikte zijn handen letterlijk, maar ook jij slaat jezelf, maar dan van binnen”. “Allebei handelen jullie vanuit onmacht met straf”. “Je bewandelt onbewust het pad van je vader”, zeg ik.

“Kinderen bewandelen vaak hetzelfde pad zodat ze trouw blijven aan het gezin van herkomst”. “Jij bent trouw gebleven aan je vader, door streng te zijn”. “En door bang te zijn blijf je veilig”. “Hoe onprettig bang ook is, het was en is ook een bekend gevoel”. “Het heeft je ooit gediend door het gevaar te zien en in te kunnen schatten”. “Door bang te zijn, hoef je nu ook geen stappen te zetten”.

“Al een tijdje wil ik ergens een keuze over maken, maar het lukt mij niet”. “Diep van binnen weet ik wat ik wil”. “Ik snap gewoon niet waarom ik zo’n angsthaas ben”, en ze slaat zichzelf nog even met de stok. We lachen er samen hard om. “Ik vond die stok in het begin heel stom”, zegt ze. “Maar nu heb ik in ieder geval door hoe vaak ik mijzelf sla van binnen”.

“Ik hoef het niet perfect te doen, maar ik wil het gewoon goed doen”, zegt ze.

“De vraag is of een spiegel je een antwoord zal geven waarom je het goed wilt doen”, zeg ik haar. “Ik denk dat het niet de spiegel is waarin je kijkt waar je het antwoord vindt, maar dat je de goedkeuring van iemand anders wilt krijgen”, “klopt dat”? Ze kijkt mij geschrokken aan, door het besef wat binnenkomt. Ze maakt zichzelf kleiner, alsof het meisje in haar nog steeds wil horen dat het goed is, dat zij goed is, precies zoals ze is. Een bevestigende en liefdevolle blik van haar vader.

“Uiteindelijk zal je je handen in schuld moeten gaan wassen”, zeg ik haar. “Maar voordat ik je dat uitleg, laten we daar even rustig gaan zitten”. We kiezen een mooie boomstronk uit die uitkijkt over het water.

“Wanneer we kijken naar geven en nemen, horen ouders te geven, en kinderen te nemen”. “Wanneer je door het geweld voor je zusje bent gaan zorgen en je moeder in bescherming wilde nemen is deze balans er niet meer en ben je op de plek van de ouder gaan staan”. “Verantwoording is een grote opgaaf voor een klein meisje in een volwassen lichaam”.

“En dan heb je nog schuld en onschuld”. “Ik zal je mijn verhaal vertellen”, zeg ik. “Toen ik laatst in een opleiding iemand coachte en ik niet tevreden was, was dit aan mij om daar mee om te gaan in plaats van de bevestiging te zoeken bij mijn coachee of ik het wel goed deed”. “Een hele opgaaf voor mij”. “Als kind wilde ik zo graag alles fixen maar het lukte nooit”. “Terwijl ik wel op de ouderplek binnen het gezin stond en ik mij verantwoordelijk voelde voor het geluk van de ander”. “Het is aan mij met het gevoel om te gaan dat ik het niet in de hand heb en ik niet alles kan oplossen”. Terwijl ik dit vertel duikt ze ineen, haar tranen beginnen te lopen en na een tijdje komt ze met een ontspannen gezicht omhoog en kijkt mij sprankelend aan. In het voor mezelf kiezen kan ik mijn volwassenheid vinden die ik zocht”, zegt ze. “Voor mijzelf kiezen betekent niet dat ik de ander in de steek laat”. “Ik heb mij dit nooit beseft”. “Ik voel me lichter”, zegt ze. En ik zie het aan haar gezicht.

Ik word geraakt door het prachtige besef van deze mooie vrouw.

Ik schuif wat dennentakjes weg en graaf een kuiltje in de grond en vraag haar hand. “Wrijf je handen eens over het zand, maak ze maar flink vies”. “En wrijf dan je handen tegen elkaar zodat beide handen vies worden”. Ik open haar handen. “Zo komt het eruit te zien als je je handen in “schuld” durft te wassen”. “Als je leert kiezen voor jezelf, ook al ben je daarmee voor je gevoel ontrouw aan je gezin van herkomst”. Met het kiezen voor jezelf krijg je er soms een onprettig gevoel gratis cadeau bij”. “Het gevoel niet te voldoen aan alles waarvan je ooit dacht te moeten voldoen om de goedkeuring te krijgen van je ouders. Je gaat van magische liefde naar wetende liefde”. “Simpel gezegd, je ziet de dingen voor wat ze zijn”. “Door niet meer bang te zijn voor deze vieze handen, kun je je plek gaan innemen”. In plaats van af te reizen naar de goden en te wensen dat alles anders was.

We lopen weer langzaam verder. Met elk stukje besef ontspant ze meer en meer en is de stok tot stilstand gekomen. Wel begeleidt ze haar innerlijke overwinning nog met een prachtig verhaal.

Dan stop ik haar. “Ik zie je verwondering in het hervinden van jezelf”. “Ik zie je genieten en tegelijkertijd stap je al vrij snel uit het gevoel door te gaan analyseren”, zeg ik haar. Ik krijg een ondeugende glimlach terug. “Adem eens die prachtige glimlach in en voel wat het met je doet dat je in contact staat met jezelf en met het kleine meisje in jou, vraag ik haar. “Probeer daar een tijdje te verblijven zodat je weer jouw innerlijke grens leert voelen”. En terwijl ze met tranen van hervonden geluk de frisse lucht inademt, stel ik mij zo voor dat het kleine meisje met haar angsten er eindelijk mag zijn. Hand in hand met deze volwassen vrouw.

“Je krijgt nog één opdracht van mij mee”. “Durf wat vaker stil te staan bij wat er in je opkomt, adem het diep in en durf bij je gevoel te blijven. “Als is het maar drie minuten”.

“Laat er maar zijn wat er is”, zeg ik haar.

In plaats van het kleine meisje te slaan met een stok ben je haar dankbaar voor hoe ze zo goed voor je heeft gezorgd al die tijd.

“Nu is het tijd haar samen aan de hand te nemen, de angst aan te kijken en te nemen, vol in te ademen en samen de volgende stap te zetten”, zeg ik haar.

Een diepe zucht en grote glimlach komen mij tegemoet en we lopen samen stil verder. “Samen, dat voelt goed”….zegt ze.

 

Grenzen ontwikkelen we in het contact met de ander. Als baby zijn er nog geen grenzen, er is een symbiose met jou en jouw ouders. We ontwikkelen onze externe grens vanuit de fysieke aanraking. Je ontmoet hier het ja en het nee van jezelf en van de ander. Je ontwikkelt hier de Ik grens. Dit ben ik en dat valt buiten mij. Maar wanneer je herhaaldelijk bent verraden door fysieke grensoverschrijding kunnen je instinctieve bewegingen niet wortelen rondom grenzen voelen en aangeven.

Wanneer er veel grensoverschrijding is geweest is het moeilijk je interne grens te voelen. De pijn was ooit te overweldigend om bij te blijven. We vinden manieren om weg te blijven bij ons gevoel, en daarmee kunnen we er ook niet meer naar luisteren. Zij liep door met flinke stappen en veel woorden. Weg van haar gevoel en lijf. Maar haar lichaam echter herinnert elke beweging.

Ze vertelde mij vrijwel in het begin van de wandeling dat ze met zichzelf had afgesproken niet te gaan huilen. Maar het lijf laat zich niets opleggen. Het lijf weet waar de pijn zit en wat er voor nodig is om het kwijt te kunnen.

Doordat er sprake was van grensoverschrijding heeft het littekens achter gelaten die afbakening, verbinding en plekbesef nodig hebben.

Nu ze haar eigen plek weer kon voelen als volwassen vrouw, kon ze haar handen niet meer wassen in onschuld. En heeft ze de taak om in verbinding met zichzelf weer te voelen wat ze nodig heeft en plek in te nemen in de rij van de vrouwen.

~ Een ontroerend verhaal ter ere van deze prachtige vrouw en haar moeder ~